De Kern van de Zaak

In 2006 schreef ik het verkiezingsprogramma van Dorpsbelangen. Ik baseerde me op een rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid, ‘Vertrouwen in de buurt”genaamd, een rapport dat verplichte leesstof zou moeten zijn voor iedereen die serieus werk wil maken van het zogenaamde kernenbeleid.

De Raad zegt in dat rapport dat het om allerlei redenen verstandig zou zijn een gedeelte van de macht, die nu exclusief wordt beheerd door “het gemeentehuis” in handen te leggen van de inwoners. Dat zou volgens mij dus ook het begin moeten zijn van een discussie over en het vastleggen van een kernenbeleid, waar tot nu toe mooie woorden en vage voornemens de boventoon voeren. Want alles valt of staat met dat uitgangspunt: ben je als politiek bereid een stuk van je bevoegdheden af te staan aan mensen van buiten dat  bekende circuit van bestuurders die cirkelen in en om de gemeenteraad.

Ik bepleitte destijds dat een grote mate van zeggenschap zou worden toebedeeld aan een aantal raden, die zich met specifieke maatschappelijk onderwerpen zouden bezighouden: een seniorenraad, een sportraad, een raad voor sociale problematiek enzovoorts. Het is weliswaar een ander uitgangspunt, maar de redenering erachter is hetzelfde. Geef mensen de zeggenschap over hun eigen problematiek en omgeving,  en bemoei je  er als politiek zo min mogelijk mee. Dat is het allereerste begin, het afstand doen van een gedeelte van je eigen invloed als politicus en vertrouwen hebben in de inwoners van je dorp of stad.

Van dat Dorpsbelangen programma is overigens niets terecht gekomen. En zolang er niet die eerste stap wordt gezet zal er ook niets terechtkomen van dorpskernen met geld en bevoegdheden om hun eigen beleid te kunnen maken.

Putter