Het einde van de Soepfabriek

De gemeente Wijdemeren gaat uitkijken naar andere huisvesting. Het huidige gebouw vergt forse investeringen om aan de eisen van de tijd te voldoen. Daar zal ik geen traan om laten.

Het voormalige Knorr-kantoor en -laboratorium. De Soepfabriek op Rading 1 in Nieuw Loosdrecht (voorheen Hilversum).

Het is bekend dat de voormalige bestuurders van de Gemeente ’s-Graveland het in grote mate betreurd hebben dat het gemeentebestuur zich vestigde in de kantine en de kantoren van een soepfabriek, terwijl er een prachtig initiatief voorhanden was op het terrein, naast het voormalige gemeentehuis, waar de woon-zorgvoorziening Brugchelen was.

Maar nee, men koos voor de soepfabriek, die nota bene nog op Hilversums grondgebied lag. De enkele keer dat ik in de raadzaal ben geweest, viel het me op dat het een desolate zaal was. Beter geschikt voor de koffie en de gevulde koeken, dan voor een vergaderzaal van een gemeente te dienen.

Naar mijn mening moet een gemeentehuis iets van de identiteit van de gemeente uitstralen. Je moet iets van de gemeente kunnen herkennen in de zaal waar het meest belangrijke bestuurlijk orgaan bijeen komt. Een van de dingen die mij opviel in 1987, toen ik in ’s Graveland benoemd werd, was het gemeentehuis. Een sfeervolle raadzaal met oude prenten, goed meubilair. Prettig om in te vergaderen.

Een gemeente behoeft geen macht en gezag uit te stralen in het gemeentehuis, maar het is wel het huis van de gemeente, het huis van de democratie.

Op naar Gooistad

Nu gaat het college op zoek. Natuurlijk naar een bestaand gebouw, want het perspectief is Gooistad en dan hebben we het mooiste gemeentehuis van ons land. Het zelfs ver over de landsgrenzen bekende monument van Dudok.

Zover zijn we nog niet. Nu lees ik vanmorgen in de Gooi en Eemlander dat Natuurmonumenten gaat vertrekken uit ‘s-Graveland. Dat schept mogelijkheden voor het gemeentebestuur van Wijdemeren om zich in ‘s-Graveland te vestigen. Ik denk hierbij aan het kantoorgebouw in de tuin van de buitenplaats Boekestein. Je kunt het huren, want Natuurmonumenten verkoopt nooit iets. Er is een flink parkeerterrein bij. B & W kunnen in het Capitool vergaderen en wellicht is in het huis van de buitenplaats een mooie raadzaal te realiseren..

Ik geef het onmiddellijk toe, minder mooi dan waar de bestuurders van ‘s- Graveland over droomden en waarvoor zij Brugchelen voor aankochten.

Maar gevestigd zijn in de unieke reeks van buitenplaatsen, de parel van de Gooi en Vechtstreek is heel wat beter dan de soepfabriek.

Wim Kozijn

Voetnoot uit de Wijdemeerse Webkrant:

Op 27 juni 2002 besloot de raad van Wijdemeren het, naast het gemeentehuis van ‘s-Graveland gelegen, terrein van Brugchelen aan te kopen met het uitgesproken doel om daar een uitbreiding van het centraal gelegen Wijdemeerse gemeentehuis te bouwen. Later werd de koopprijs van de soepfabriek door de Loosdrechtse eigenaar Louis de Bruin verlaagd, waardoor op 24 juni 2005 toch werd besloten om de soepfabriek te kopen, het gemeentehuis daar (op grondgebied van Hilversum) definitief in te huisvesten en Brugchelen weer te verkopen. Het gemeentehuis van ‘s-Graveland, de buitenplaats Westerveld werd voor 2,3 miljoen Euro verkocht. Op het terrein van Brugchelen bouwde een woningbouwvereniging het appartementengebouw dat er nu staat.
De spotnaam “Soepfabriek” voor het gemeentehuis werd de eerste maal gebezigd door toenmalig wethouder Co de Kloet.
Meer lezen? Ga naar www.wijdemeersewebkrant.nl en tik “Brugchelen” of “soepfabriek” in het zoekveld.

One thought on “Het einde van de Soepfabriek”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.