Het bestuur van het Plassenschap Loosdrecht en omgeving laat zich niet omver blazen door aanmerkingen van deelnemers op de financiën. Integendeel. Bij de gemeente Wijdemeren gaat het nog wel, die krijgt van het plassenshap-bestuur een klein tikje op de vingers. Maar Stichtse Vecht krijgt een stevige draai om de oren. Die gemeente heeft dan ook een fors dreigement geuit.

Het kwam al eerder aan de orde: de deelnemers aan het plassenschap moeten de komende vier jaar veel meer geld betalen. Oorzaak: er is veel achterstallig onderhoud en die achterstand moet worden weggewerkt.
Die deelnemers zijn de provincies Noord-Holland en Utrecht en de gemeenten Wijdemeren en Stichtse Vecht. Samen zien ze hun bijdragen aan het plassenschap oplopen van ruim 2,3 miljoen euro (2024) naar krap 3,2 miljoen (2028). Voor Wijdemeren gaat het om een toename van ruim 639.000 euro (2024) naar dik 891.000 euro (2028). Bijna 40 procent meer betalen, da’s niet niks.
Die cijfers staan in de ontwerp-begroting 2025 die het plassenschap-bestuur eind maart voorlopig vaststelde. De deelnemers kregen de gelegenheid erop te reageren. Alle op- en aanmerkingen vallen heel kort samen te vatten als: oeioei, dat gaat wel erg veel meer kosten, kan het niet een onsje minder?

Het schap-bestuur heeft het allemaal bekeken en antwoordt in essentie met: nee, in beginsel kan het niet een onsje minder, al zullen we wel blijven kijken wat hier en daar misschien nog mogelijk is. Het bestuur heeft de begroting 2025 (met een doorkijkje naar de volgende jaren) op 11 juli dan ook vastgesteld zonder er iets aan te veranderen.
Krenten
Interessant zijn de iets meer gedetailleerde reactie van het bestuur op de op- en aanmerkingen plus de begeleidende brief aan de deelnemers. Laten we daar een paar krenten uit halen.
Zo merkte het college van Wijdemeren onder meer op: dat is een wel erg forse toename van de bijdragen die we moeten betalen. Het gaat om meer geld dan waarmee we in onze eigen begroting rekening hebben gehouden, dus dat wordt lastig. Wijdemeren suggereerde de vervangingsinvesteringen (voor bijvoorbeeld het vervangen van slechte beschoeiingen) in de tijd wat meer uit te smeren. Dan hoeven de bijdragen van de deelnemers wat minder hard omhoog te schieten.
Wat moet, dat moet
Het plassenschap-bestuur antwoordt dat het heus kijkt hoe de uitgaven kunnen worden beperkt. Soms lukt dat ook, zo blijkt uit het voorbeeld dat wordt genoemd: beschoeiingen in de Kalverstraat Maar, zegt het bestuur ook, wat moet, dat moet.
Een paar zinnen zijn in dit verband relevant. Ten eerste: ,,In zijn algemeenheid is het uitstellen van vervangingsinvesteringen niet aan te raden omdat daarvoor extra onderhoudskosten in de plaats treden’’. En: ,,Het bestuur wil voorkomen dat de situatie van achterstallig onderhoud zich opnieuw gaat voordoen’’.
Gestrekt been
Daarmee krijgt Wijdemeren een klein tikje op de vingers, want er valt geen speld tussen die redenering van het bestuur te krijgen. U en ik en eigenlijk iedereen had het zelf kunnen bedenken. Behalve kennelijk het college van Stichtse Vecht.
In de reactie op de (toen nog) ontwerp-begroting 2025 van het plassenschap ging Stichtse Vecht er met gestrekt been in. Ja, stelt Stichtse Vecht, ook wij zullen de komende jaren meer afdragen. Maar ingaande 2026 zullen we op de van ons verwachte bijdrage structureel (elk jaar weer, RF) 5 procent inhouden. Dat gaan we doen, omdat wij zelf vanaf dat moment met 5 procent worden gekort door het Gemeentefonds.
Reactie van het plassenschap-bestuur: gezien het vele achterstallig onderhoud ‘is het niet verantwoord om (op de planning) een taakstellende bezuiniging toe te passen’. Ofwel: college van Stichtse Vecht, waarmee u dreigt, is onverantwoord. Da’s een pittige terechtwijzing.
Schepje bovenop
En het bestuur doet er nog een schepje bovenop. Fijntjes wijst het erop dat Stichtse Vecht het dreigement niet op eigen houtje kan doorvoeren gezien de regels van de gemeenschappelijke regeling (GR) die het plassenschap is. ,,Hierin zijn de bijdragen van alle deelnemers vastgelegd’’, aldus het bestuur. ,,Een eventuele wijziging van de deelnemersbijdrage kan worden doorgevoerd als de GR met instemming van alle deelnemers wordt aangepast.’’
Dus volgens het bestuur is het dreigement van Stichtse Vecht onverantwoord én kan het alleen worden uitgevoerd als alle andere deelnemers daarmee instemmen. Houdt het college van Stichtse Vecht zijn poot stijf, dan worden het daarover vast nog gezellige vergaderingen.

Achterstallig onderhoud…..
Het geld wat ze de afgelopen jaren hebben ontvangen, wat hebben ze daar dan mee gedaan? Als er achterstallig onderhoud is, is er niet voldoende onderhoud gepleegd. Dus zit er toch nog geld in het potje??
Zullen de roze olifant maar gewoon bij zijn naam noemen? Niet de gemeenten maar haar inwoners betalen dit …. En is ons om een akkoord gevraagd? Dacht het niet, dat heb je met die onvoldoende democratisch gecontroleerde samenwerkingsverbanden … Wie de schoen past etc