Cijfers over de woningbouw in 2025 in de Regio Gooi en Vechtstreek lagen afgelopen donderdag op tafel bij de regionale wethouders bouwen en wonen. In de ambtelijk voorbereide stukken staat dat de boel ‘nog niet op koers ligt’, maar dat ‘de trend positief is’. De werkelijkheid is dat de achterstand ten opzichte van het nagestreefde aantal nieuwe woningen alleen maar groter wordt. En er is meer slecht nieuws.

Maar laten we beginnen met het goede nieuws. Dat betreft geen ambtelijke bewering, nee, uit de cijfers blijkt dat het écht goed nieuws is: er zijn vorig jaar beduidend meer toegankelijke, zogeheten 0-tredenwoningen gebouwd dan het minimale streven was.
Zonder hindernissen
In een vergrijzende regio als de onze is het belangrijk dat mensen thuis goed uit de weg kunnen, ook als ze een rollator gebruiken of een rolstoel. Appartementen zonder hindernissen zijn dus hard nodig. In de afspraken voor 2022-2030 staat daarom dat van alle nieuwbouw ten minste 50 procent moet bestaan uit 0-tredenwoningen. Van de vorig jaar in de Regio opgeleverde 645 nieuwe woningen gold dat voor 589 stuks ofwel 91 procent (en niet 84% zoals in de vergaderstukken staat). Prachtig! In Wijdemeren betrof het 49 van de 63 opgeleverde nieuwe woningen, dus 77 procent, en ook dat is heel mooi.
Zo mooi was het aandeel appartementen in eerdere jaren niet altijd: 25 procent in 2022, 53 in 2023 en 88 in 2024. Even kijken dus naar het resultaat over de hele periode tot nu toe. Van de 2.389 nieuwe woningen sinds begin 2022 waren er 1.435 een appartement. Dat is 60 procent en dus nog steeds keurig boven de nagestreefde ondergrens van 50 procent.

Voor de fijnproevers overigens: deze en alle nog volgende cijfers zijn gecorrigeerd voor Weesp. Die voormalige gemeente telde nog mee toen meerjarige regionale afspraken over woningbouw werden gemaakt. Maar Weesp koos ervoor in maart 2022 uit de Regio Gooi en Vechtstreek te stappen en een verre buitenwijk te worden van de gemeente Amsterdam (waarmee niet alle Weespers meer even blij zijn, maar dat terzijde).
Het zuur
Na het zoet over appartementen dan nu het zuur. In de vergaderstukken voor de regiowethouders wordt dat wat weggemoffeld. Maar zuur is er wel degelijk. En helaas niet zo weinig ook.
In de vergaderstukken staat dat krachtens het in 2021 gesloten woonakkoord in de periode 2022-2030 in de Regio Gooi en Vechtstreek 6.900 nieuwe woningen moeten verrijzen, dus gemiddeld 767 per jaar. In 2025 zijn 645 nieuwe woningen opgeleverd, ruim een derde meer dan het jaar ervoor. Omdat het er jaarlijks gemiddeld 767 moeten zijn, staat in een vergaderstuk dat de bouw ‘nog niet op koers ligt’. Maar omdat het in 2025 beter (althans minder slecht) ging dan in 2024 wordt ook gesteld dat ‘de trend positief is’.
De realiteit
Nu de harde realiteit. Eerst de woningproductie in de jaren sinds het woonakkoord werd gesloten. Die bedroeg: 876 stuks in 2022 + 392 (2023) + 476 (2024) + 645 (2025). Samen zijn dat 2.389 nieuwe woningen. In 2022 werd de gemiddeld gewenste productie (767 woningen) ruim gehaald, in 2023 volgde een enorme inzinking en sindsdien krabbelde de productie weer op, maar bleef het gewenste gemiddelde ruimschoots buiten bereik. Dat betekent dat ingaande 2023 de achterstand ten opzichte van de doelstelling elk jaar groter is geworden, ook in 2025.
De stand van zaken is nu als volgt. Van 2022 tot en met 2030 moeten 6.900 nieuwe woningen verrijzen. In de vier jaar tot en met 2025 zijn er 2.389 gerealiseerd. Dus nog 4.511 te gaan in vijf jaar (2026 t/m 2030). Gemiddeld per jaar zijn dat 902 woningen ofwel 140 procent van wat in 2025 tot stand kwam. Dus om het doel te halen moet, gerekend vanaf 1 januari jongstleden, de woningproductie ten opzichte van die in 2025 met bijna de helft omhoog – elk jaar weer. Dat is nogal wat!
Oké, op het circusterrein aan de Diependaalselaan in Hilversum worden nu in razend tempo 379 flexwoningen uit de grond gestampt. ‘Flex’ wil zeggen dat ze er maximaal vijftien jaar mogen staan, wat er daarna gebeurt, is afwachten. Maar goed, op die plek gaat het dus prima, al zijn 379 woningen in Hilversum er natuurlijk nog geen 902 in de hele Regio.
Onderverdeling
Dan de onderverdeling van de woningen die vorig jaar zijn opgeleverd. Daarover wordt in de vergaderstukken nogal gehannest met getallen. Maar met wat moeite valt toch wel een beeld te krijgen.
Zo lezen we dat de woningproductie in het segment sociaal vorig jaar ‘bijna toereikend’ was. Er staat dat van de totale productie van vorig jaar ‘30% (is) aan te merken als sociaal’, terwijl de doelstelling ‘minimaal 33%’ is. Dus ja, in 2025 was het doel binnen handbereik. Maar uit de cijfers over 2022 tot en met 2024 blijkt dat de nieuwbouw in het segment sociaal toen ver achterbleef: 20 procent in 2022, 13 procent in 2023 en 22 procent in 2024. Om eind 2030 toch over de hele periode uit de komen op minimaal 33 procent sociaal is dus nog een enorme inhaalslag noodzakelijk. Dat staat echter nergens in de vergaderstukken.
Best lastig
Dat rekenen soms best lastig is, komt ook naar voren bij de cijfers over het sociale segment. In een van de tabellen staat dat in heel de Regio vorig jaar 194 sociale corporatiewoningen verrezen en één particuliere sociale woning. In de kolom ‘totaal’ wordt dat opgeteld: 194 + 1 = 194. Echt waar, het staat er! Voor het algehele beeld maakt het niet uit, maar bedenkelijk is het wel. Die rekenfout stamt trouwens uit de Wijdemeerse productie. Daar zien we: 15 sociale corporatiewoningen plus die ene particuliere en dat wordt in de tabel 15 + 1 = 15! Pffff.

Tot slot het segment middenduur, voor de woningmarkt ook van groot belang. Een koopwoning gold in 2025 als middenduur bij een prijs van maximaal 405.000 euro. Middendure huur lag tussen 900,07 en 1.184,82 euro per maand.
De aan de wethouders voorgelegde tekst bevat de volgende gegevens. In 2025 werden in het middensegment koop 56 nieuwe woningen gebouwd, in het middensegment huur 65. Ook wordt eraan herinnerd dat volgens het woonakkoord een derde van de nieuwbouw (huur plus koop) moet vallen in het middensegment. Maar, konden de wethouders lezen, vorig jaar kwam dat maar tot 19 procent.
Alweer gerommel
Dat ziet er lelijk uit. Maar opnieuw is gerommeld met de getallen. Wat betreft het middensegment blijkt de werkelijkheid iets minder somber dan de ambtelijke beweringen. Die 56 betaalbare koopwoningen zijn inderdaad terug te vinden in de tabel over 2025. Maar genoemde 65 middendure huurwoningen niet. De kolom middendure huur in de tabel 2025 telt op tot 103 woningen, meer dus dan die 65. Daarmee komt het segment middenduur uit op 56 (koop) + 103 (huur) = 159 woningen. Dat is 24,7 procent van de totale productie in 2025. Dat stemt iets minder somber dan de 19 procent die de wethouders kregen opgedist. Anderzijds: ook met 24,7 procent is de gewenste 33 procent middenduur lang niet gehaald.
Natuurlijk kan het eens een jaartje tegenzitten – niet zo erg als het in andere jaren wordt gecompenseerd. Dus is de vraag: hoe staat de middendure woningproductie erbij sinds begin 2022? Ligt die over meerdere jaren gezien wél op koers? Daarvoor moeten we kijken naar de tabel over de afgelopen jaren en maar hopen dat er in de cijfers van vóór 2025 geen fouten zitten.
Voor 2022 tot en met 2025 zien we dan 218 middendure huurwoningen en 139 middendure koopwoningen, dus samen 357 nieuwe woningen in het middensegment. Volgens diezelfde tabel werden van 2022 tot en met 2025 in de hele Regio 2.389 nieuwe woningen opgeleverd. Het middensegment (genoemde 357 woningen) vormde daarvan 14,9 procent. Dus over de afgelopen vier jaar is de score voor het middensegment nóg slechter dan de 19 procent die ambtenaren foutief noemen voor 2025 en de 24,7 procent die hierboven werden uitgerekend als werkelijkheid voor 2025. Eerdere jaren compenseren niet het tekort over 2025, ze verergeren het.
Vier conclusies
Overzien we nu het geheel dan zijn dit de conclusies:
- Met het percentage 0-tredenwoningen (appartementen) in de nieuwbouw gaat het UITSTEKEND.
- Het totale aantal nieuwbouwwoningen blijft STEEDS VERDER ACHTER ten opzichte van de doelstelling.
- Het aandeel sociale woningen in de nieuwbouw blijft VER ACHTER.
- Het aandeel middensegment in de nieuwbouw blijft VER ACHTER.
Op de appartementenbouw na is het dus één grote narigheid. Laten we hopen dat wethouders en gemeenteraden zich door ambtelijke beweringen niet laten misleiden maar gaan proberen het tij te keren.
Voor wie het Regio-document met cijfers zelf wil besnuffelen: u vindt het hier.

Ik begrijp uit dit stukje dat het volledig volbouwen van Nederland als iets positiefs wordt gezien, i.p.v. een noodzakelijk (tijdelijk) kwaad. In Japan is de bevolking in 2024 in 1 jaar tijd afgenomen met ruim 900.000 inwoners, dus laten we vooral niet in paniek raken nu dit (hopelijk) een wereldwijde tendens is. Ik denk hierbij m.n. aan de kuddes mensen die op Koningsdag als zombies door de grote steden schuifelen.