De Republiek Horstermeerpolder

In het “20 jaar Wijdemeren” overzicht mag natuurlijk de recente geschiedenis van de Horstermeerpolder (op 3,45m onder NAP, het gebied tussen de dorpen Nederhorst den Berg en Ankeveen) niet ontbreken. Op het hoogtepunt (of moet ik zeggen “dieptepunt”) van de schermutselingen met de Provincie scheidde de polder zich af van Nederland en werd de Republiek Horstermeerpolder uitgeroepen. Maar laat ik bij het begin beginnen, zeker wetend dat ik heel veel zal en moet overslaan, anders zou deze column een boekwerk worden.

Ik werd vrijwel direct nadat mijn gezin en ik in de HM-polder kwamen wonen (1998)  aan m’n jasje getrokken door Leen van den Broek, telg uit een familie die al jarenlang boerde in de polder. “Jij gaat me helpen in het bestuur van de Bewonersvereniging” of woorden van soortgelijke dwingende strekking gebruikte hij. Ik kende Leen al een poosje en begreep dat het menens was. Tot die tijd had Annie Lam de plannen van de Provincie om de HM-polder deels onder water te zetten goed in de gaten gehouden; zij had recent alarm geslagen, het wás menens.

Een lang traject van gesprekken en onderhandelingen begon. Tot grote frustratie van de Horstermeerders zat er bij die gesprekken echt van alles aan tafel, van provinciemedewerkers (logisch) tot iemand van Milieudefensie die ergens bij Deventer woonde en geen idee had waar de polder eigenlijk lag … en van alles daartussenin. Eén ding hadden velen gemeen, ze hadden geen flauw benul hoe die polder hydrologisch werkt en wat hem zo uniek maakt in Nederland. Wij als bewoners in eerste instantie ook niet, maar gaandeweg het proces werden we heuse experts.

Voor de Provincie was het duidelijk, zeker een derde van de polder en met name aan de randen moest onder water, overtuigd dat ze waren dat dat de ondergrondse waterstroom vanuit de Kortenhoefse en Ankeveense plassen naar de polder drastisch zou beperken. NatuurMonumenten (grootgrondbezitter in de polder, met veel “om niet” en via verkaveling verkregen land) had er wel oren naar… naar verluid omdat plas-dras land weinig onderhoud behoefde, maar wel veel subsidie in het laatje bracht. En zo begon het touwtrekken: veel hotemetoten en beroepsfanatici aan de ene kant van de tafel en een paar bewoners uit de polder aan de andere kant.

De bewoners waren (en niet onterecht, bleek later) bang voor die extra wateropzet. Alle bebouwing bevindt zich in het midden, het laagste deel van de polder, langs de Middenweg. Veruit de meeste huizen zijn “op staal” gebouwd… dat betekent niet heien, maar gleuf graven in de bodem, verbrede fundering metselen en daarbovenop het huis. Opzet van water aan de randen zou betekenen dat al die fundamenten te maken kregen met een sterk verhoogde kweldruk (al het water wil immers naar het laagste punt, naar het midden van de polder). We zagen de scheuren al in de huizen springen, als een soort klein Groningen. Achteraf kregen we hierover ook wel gelijk van de experts, maar tijdens de eerste discussies “zagen we spoken” volgens de Provincie.

Na een aantal jaren met horten en stoten onderhandelen (waarin wij steeds sterker werden met onze achterban en onze opgebouwde kennis) was de maat wel vol. Duidelijk was dat door de Provincie, samen met NatuurMonumenten allang was besloten dat een groot deel van de polder onder water moest en zou. Het overleg en de inspraak was in onze ogen louter voor de schijn. Ook binnen de Bewonersvereniging gingen steeds meer stemmen op voor steviger actie.

Anekdotisch is het grootscheepse megalomane plan om de polder dan maar geheel onder water te zetten. Onder het motto: “Aanval is de beste verdediging” bedachten Leen en ik het plan waarin de hele polder verder werd uitgediept. Van al die opgegraven grond zouden er middenin de polder twee eilanden (een hele grote en een hele kleine) worden gemaakt waar alle huidige bewoners een riante plek aan het water zouden krijgen.

Boeren werden uitgeplaatst naar elders (gevaarlijk woord vandaag de dag) en grotere bedrijven zouden een plek krijgen dichtbij de Gabriëlweg zodat ze snel op de N201 zaten. De Provincie ging er serieus aan rekenen en kwam terug met een zeer lucratief plan (voor de Provincie, wel te verstaan..) waarbij elke huis een tuintje terugkreeg van 300m2. Wat werden ze uitgelachen en weggehoond door de bewoners, mensen door wie een  2000m2 erf als normaal werd ervaren omdat ze dat nu ook hadden.  Door de gierigheid van Haarlem liep het hele plan stuk… alsof we het zelf zo in scene gezet hadden, prachtig.

Enfin, we waren weer terug bij af. Om de Wijdemeerse politiek eens flink wakker te schudden werd er tijdens een Raadsvergadering waar de HM-polder op de agenda stond een grote optocht georganiseerd vanuit de polder naar Rading 1. Een bonte stoet aan voertuigen en mensen trok naar het gemeentehuis met als klapstuk  een grote kunststof koe. Nelleke Schenkkan, de wethouder die de polder destijds in portefeuille had, nam zeer sportief een aanloopje en sprong bovenop de koe (of is dat alleen in mijn herinnering, want de foto als bewijs kan ik niet vinden…). Maar hoewel de plaatselijke politiek grotendeels op de hand was van de polderbewoners, ging de provincie stug door met haar plannen.

De grote ommekeer kwam toen we wetenschappelijke steun vonden bij de Delftse professor Schultz, een gerenommeerd hydroloog  (destijds leermeester van onze huidige Koning Willen Alexander). Hij weerlegde veel van de argumenten van de Provincie, vond de plannen ook gevaarlijk en berekende een verdubbeling van de kweldruk, met name onder de huizen aan de Middenweg.

Toen ook daar weinig response op was vanuit Haarlem werd de sfeer grimmiger en de actiebereidheid groter en groter. Zaken volgden elkaar snel op. Vanuit de Bewonersvereniging ontstond een meer radicale groep. Terwijl het ene deel aan de onderhandelingstafel bleef aanschuiven, bereidde die nieuwe groep stevige acties voor.

De Republiek Horstermeerpolder werd uitgeroepen, de Middenweg werd symbolisch afgesloten door een heuse grens. Alleen het vlaggetje van de polder gaf nog toegang. (maar de grenswachters waren ook te vermurwen met een goede smoes, dus alles verliep in een vrolijke sfeer). Zwaarder geschut werd niet geschuwd. Om Haarlem te laten zien waar de polder toe in staat was werd een flinke sluis met een grote kraan van Zwagerman uit de sloot getrokken en hopla, op de kant gezet. Lust u nog peultjes…

 

Ook juridisch werd er flink van leer getrokken. NatuurMonumenten werd gesommeerd om de jarenlange achterstand in het onderhoud van de sloten aan te pakken. Daarbij werd ook gewezen op de kunstmatig te hoog gehouden waterstand van de NM percelen, ten ene male verboden in de polder. Dat zat de autoriteiten niet lekker, zo’n flinke tik over de vingers. Al die acties, zichtbaar en onzichtbaar, juridisch, politiek en wetenschappelijk kwamen flink aan in Haarlem.

Vanaf dat moment werd er flink ingebonden door de Provincie. Nu, jaren later, staat het waterpeil in enkele proefvakken wat hoger, als compromis. Het grote gevaar is afgewend. Maar mocht de Provincie het in hun hoofd halen om die proefgebieden uit te breiden, dan is de polder heel snel weer in opperste staat van paraatheid. Haarlem is gewaarschuwd.

De Wijdemeerse Webkrant heeft een mooi dossier over de HMP-affaire, zie:     http://www.wijdemeersewebkrant.nl/dossiers/horstermeer.htm

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.