Coalitiefracties negeren argumenten en hobbelen braaf achter ambtenaren (en college) aan

Een sloop- en bouwplan voor Middenweg 100 in de Horstermeerpolder heeft de gemeenteraad deze week de grond in geboord. De gang van zaken roept de vraag op of argumenten er voor de coalitie eigenlijk wel toe doen of dat het parool domweg is: we hobbelen braaf achter het college aan. Een andere vraag is wie eigenlijk de dienst uitmaakt: de politiek of ambtenaren. En een bijkomend pikanterietje: twee net teruggetreden wethouders stemden verschillend en dat viel op.

Het plan. (Illustratie buRO)

Even kort het plan voor Middenweg 100. Het agrarische bedrijf (varkens en runderen) is daar beëindigd. Het idee is de bestaande bedrijfswoning om te zetten in een burgerwoning (een administratieve handeling), de bedrijfsbebouwing te slopen en er een tweede woning te bouwen.

Mag niet, zeggen burgemeester en wethouders op aangeven van ambtenaren. Hoofdprobleem: volgens de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) mag het alleen als ten minste 1.500 vierkante meter aan bedrijfsgebouwen wordt gesloopt en hier gaat het om maar 520 vierkante meter.

Rare zaak

In de raadscommissie ruimte en economie was raadsbreed de opvatting dat het maar een rare zaak is. Alle partijen vinden het plan een verbetering ten opzichte van de huidige situatie, alleen een provinciale regel verhindert dat; dat zou toch anders moeten. Niet zo gek dus dat oppositiepartijen CDA, ChristenUnie en D66 deze week aan de raad een amendement (wijzigingsvoorstel) voorlegden om ook de bouw van die ene extra woning toe te staan.

Maar zie, coalitiepartijen De Lokale Partij, VVD en PvdA/GroenLinks wilden daarvan plotseling niets meer weten. Ze sloten zich aan bij het college dat het plan wil blokkeren. Wethouders Alette Zandbergen (DLP) betoogde dat de zaak stukloopt op de provinciale regels en wel concreet op artikel 17 van bovengenoemde PRV. Daarin staat die eis dat er pas een woning mag worden gebouwd als minimaal 1.500 vierkante meter bedrijfsgebouwen wordt gesloopt. Daarop hebben ambtenaren het ingediende plan beoordeeld, aldus Zandbergen, en ze hebben geconcludeerd dat het dus niet kan.

Ten strijde

Met verve trok Rosalie van Rijn (CDA) daartegen ten strijde. Nergens, betoogde ze, staat dat de initiatiefnemer van het plan zich beroept op dat PRV-artikel 17. Bovendien is er ook nog artikel 16 en dat staat het plan toe, omdat dat een einde maakt aan ‘storende bebouwing’ (de bedrijfsgebouwen) zonder een minimumeis te stellen aan het oppervlak bedrijfsgebouwen dat wordt gesloopt.

Esther Kaper (ChristenUnie) somde op: het plan maakt een einde aan de verrommeling op die plek, asbest en grondvervuiling worden verwijderd – ‘wat wil je nog meer’. Nanne Roosenschoon (D66) zag in de weigerachtige opstelling van het college ‘een schoolvoorbeeld van muren waar inwoners tegenaan lopen’.

Eigenaardig

Nogal eigenaardig waren de argumenten die de coalitiepartijen aandroegen om het weigerachtige college te steunen. Er zijn eerder Horstermeerders met soortgelijke plannen geweest en die kregen het lid op de neus, dan zou het inconsequent zijn dit plan wél groen licht te geven, verklaarde Bo de Kruijff (VVD). Curieus argument: als het eerder niet goed is gegaan kan dat toch moeilijk een reden zijn om het nu opnieuw verkeerd te doen.

Dingeman Goossen (DLP) vroeg de wethouder wel om eens te kijken hoe zulke problemen in de toekomst kunnen worden voorkomen. Toch wilde DLP het college volgen en wel ‘omdat we van ambtenaren horen dat het (plan) niet kan’, aldus Goossen.

Ambtenaren

Ook daarop valt wel wat af te dingen. Hoezo: ambtenaren zeggen dat het niet kan, dus kan het niet, dus blokkeren we het plan? Had Van Rijn (CDA) dan niet overtuigend laten zien dat de ambtelijke redenering rammelt? Maken ambtenaren dan nooit eens een fout? Natuurlijk wel, want ambtenaren zijn net mensen. Bovendien zijn ambtenaren net ambtenaren. Ze hebben wel eens – soms terecht, soms ten onrechte – eigen opvattingen die ze graag doorzetten. Maar de politiek kan zich van een ambtelijk oordeel net zoveel aantrekken als ze verstandig acht. Dat kan dus ook betekenen: het ambtelijke oordeel terzijde schuiven. Maar bij de DLP-fractie stopte het denken bij de constatering dat ambtenaren nu eenmaal zeggen: het kan niet.

Net als Goossen vond Wilna Wind (PvdA/GroenLinks) het verstandig als het college eens met de provincie gaat praten om problemen in de toekomst te voorkomen. Maar haar argument om het college te volgen bij het blokkeren van het plan was wel erg simpel: ,,Als twee colleges (het vorige en het net aangetreden nieuwe, red.) dit rijp vinden voor besluitvorming, wie zijn wij dan?’’

Geen behoorlijk verweer

Al met al viel dus dit te zien. Ambtenaren zeggen dat het plan volgens de provinciale regels niet mag. Dat is nogal aanvechtbaar en het college had bij monde van wethouder Zandbergen dan ook geen behoorlijk verweer tegen de tegenargumenten. Toch volgde het college het ambtelijke advies. En vervolgens hobbelden de coalitiefracties zonder veel nadenken over de argumenten braaf achter het college aan.

Een treurig stemmend beeld. Want wie maakt hier eigenlijk de dienst uit, ambtenaren of de gekozen bestuurders? In dit geval: de ambtenaren. En dat komt doordat de gekozen bestuurders (college én raadsmeerderheid) uit onervarenheid en/of onnadenkendheid de boel maar lieten lopen.

Pikanterie

Aan het eind van het debat in de raad deed zich trouwens nog een pikanterie voor. Dat was bij de stemming over het amendement om het plan wél de ruimte te geven. Uiteraard werd dat verworpen omdat de coalitiefracties gedwee tegen stemden. Maar oppositiefractie DorpsBelangen stemde verdeeld: Patricia IJsbrandij steunde het amendement, Jan-Jaap de Kloet niet. Hij, nog maar net wethouder af, steunde dus het nieuwe college, terwijl Van Rijn, eveneens heel recent teruggetreden als wethouder, het nieuwe college ferm tegensprak.

Dat is geen zaak van heel groot belang, maar wel opmerkelijk. Steunde De Kloet het nieuwe college omdat het ging om een standpunt dat ook het vorige college (waarvan hij lid was) al huldigde? We weten het niet, want De Kloet gaf er geen uitleg over. En dan Van Rijn. Zij bestreed het collegestandpunt dat ook al het standpunt was van het vorige college, waarvan zij zelf deel uitmaakte. Was Van Rijn in het vorige college misschien ook al tegen dat standpunt? Of is ze inmiddels tot een nieuw inzicht gekomen? Ook dat weten we niet, want daarover werd evenmin iets gezegd.

5 gedachten op “Coalitiefracties negeren argumenten en hobbelen braaf achter ambtenaren (en college) aan”

  1. Meerdere keren is er door initiatiefnemer en onderbouwd met juridisch advies aangegeven dat het plan onder het huidige bestemmingsplan kon worden verwezenlijkt. Dat wordt niet erkend door de gemeente Wijdemeren en de indieners van het amendement verdienen dan ook een dikke pluim voor hun duidelijke opstelling dat het kan volgens het toenmalige beleid. Bedroevend is de ommezwaai van de coalitie van de commissie en de stemming in de gemeenteraad. Het College is zich hiervan onbewust of denkt dat dit in de vergetelheid raakt. Mogelijk dat er nog een lange weg is te gaan om dat duidelijk te krijgen. Feit is dat hoe eerder er constructief wordt overlegd er de minste (reputatie en financieel) schade voor de gemeente is.

  2. Als in een zaak als deze het hoogste bestuursorgaan van de gemeente domweg stelt dat het volgens “de ambtenaren” niet kan en daarop zijn besluit baseert, dan zijn twee dingen duidelijk:
    1) de ambtenaren zijn de baas als de raad niet zelf nadenkt.
    2) de nieuwe raad, vooral DLP, moet nog veel leren om hun baas zijn te effectueren.
    Dit was nu typisch een geval om de randen van wat wél kan op te zoeken, zoals Esther Kaper (CU) en Rosalie van Rijn (CDA) aantoonden.

  3. Enneh, die PRV is toch allang vervangen door de POV? Een juridische vormfout waardoor bij aanvechten van dit besluit door de eigenaar het alsnog kan?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.