Rot zit tot diep in de financiën

Een gat van bijna twee miljoen euro en onroerendezaakbelasting (ozb) die voor inwoners flink omhoog gaat. Dat zijn de voornaamste uitkomsten van de Wijdemeerse begroting 2023, meldt De Gooi- en Eemlander deze zaterdag. Ging het ‘alleen maar’ om een gat van twee miljoen, dan was het erg maar nog enigszins te overzien. Een nadere blik op de begroting leert echter dat de rot zich nog veel dieper in de financiën heeft gevreten.

Dat de voorlopige begroting – want dat is het, er moet volgend jaar nog een sluitende versie worden gemaakt – een gat vertoont van zo’n twee miljoen euro zal lezers van Rading Nul niet verbazen. Op grond van toen nog onvolkomen cijfers die wethouder Gert Zagt (financiën) eerder aan de gemeenteraad voorlegde, maakte ik al eens een grofmazige berekening om een indruk te krijgen van de orde van grootte van het uiteindelijke tekort. Conclusie toen: het zal uitkomen ergens tussen de 1,3 en 2 miljoen of wat meer in het rood.

En zie: het werkelijke tekort dat de (voorlopige) begroting nu laat zien bedraagt 1,98 miljoen euro. Als het daarbij blijft althans, want in een persbericht van de gemeente zegt Zagt: ,,Het plaatje is nog niet compleet.’’ Wat er nog ontbreekt, blijft overigens onvermeld.

Ook de zaken die tot het tekort hebben geleid zijn geen verrassing. Zagt wees de voornaamste posten al eerder aan. Inflatie, hogere energieprijzen, meer uitgaven in het sociaal domein en inhuur van mensen van buiten.

Inhuur

Het is niet de bedoeling de begroting hier in extenso door te akkeren, maar laten we wel eens kijken naar dat laatste: externe inhuur. Begin april meldde het vorige college dat daarvoor meer geld nodig was dan eerder gedacht. Het huidige college heeft weliswaar geen complete, sluitende begroting gemaakt, maar in deze voorlopige versie wel alvast een aantal dingen opgenomen onder het kopje ‘realistische en noodzakelijke ontwikkelingen’. Ofwel: dingen waaraan toch niet te ontkomen valt.

Een opgehoogd bedrag voor externe inhuur is een van die dingen. Of zoals Zagt zegt in het persbericht: ,,Voor inhuur begroten we al jarenlang te weinig. We willen nu realistisch begroten.’’ Dus lezen we achter de post ‘Verhogen flexibele schil tot 10% van de loonsom’ een bedrag van bijna 1,2 miljoen euro. Dat wil niet zeggen dat de inhuurkrachten in totaal 1,2 miljoen kosten, maar dat ze 1,2 miljoen meer kosten dan in de begroting voor dit jaar (2022) was opgenomen. Dat helpt aardig mee te verklaren waarom bij het ‘begrotingsprogramma’ Overhead de uitgaven stijgen van 10,4 miljoen euro dit jaar naar 13 miljoen volgend jaar.

Nu is enig verloop onder het personeel en wat inhuur van ‘handjes’ van buiten helemaal niet gek en helemaal niet erg – op voorwaarde dat het een beetje in het redelijke blijft. Dus dringt zich de vraag op hoe de bezetting van het ambtelijk apparaat er eigenlijk voor staat. Zoiets staat niet in een begroting, maar het is  wel degelijk van belang – zowel voor de centjes als voor het functioneren van het ambtelijk apparaat.

 Veel vacatures

Begin april schreef het vorige college aan de raad dat van de 18 vacatures er op dat moment 10 waren ingevuld. Dat eerste getal (18) bevestigde wat ik eerder al had vernomen. Van diezelfde, betrouwbaar gebleken bronnen vernam ik vrij recent dat er op dit moment bij de gemeente geen 10, geen 18, maar 32 vacatures open staan. Uitgaande van de Wijdemeerse formatie van afgerond 165 fte (volledige banen) betekent dit, dat momenteel één op de vijf ambtelijke stoelen (20 procent!) leeg is of tijdelijk wordt bezet door een inhuurkracht. Een erg ongezonde situatie, lijkt me.

Wel komt dat treffend overeen met de financiële stand van zaken. Ook die is erg ongezond. Ondanks een al ingeboekte fikse ozb-verhoging (waarover in een volgende bijdrage iets meer) moet er nog een gat van 2 miljoen euro worden gedicht. Hoe? Dat zal moeten blijken, want het college doet daarvoor op dit moment bewust geen voorstellen, want het wil de zaak niet ‘met kunst en vliegwerk’ (woorden van Zagt) dichtfietsen. Ook daarop kom ik graag terug in een volgende bijdrage.

Hier wil ik wel even iets verder kijken dan dat gat van 2 miljoen. Om een wat preciezere indruk te krijgen van de stand van zaken is het altijd handig in de begroting de zogeheten ‘paragrafen’ te raadplegen. Daar zijn namelijk het weerstandsvermogen en diverse financiële kengetallen te vinden. Die geven een goed inzicht in hoe sterk of zwak een gemeente er financieel voor staat.

Veiligheidsgordel goed vastmaken

Zit u goed? Veiligheidsgordel goed vastgeklikt zodat u van verbijstering niet van uw stoel kunt rollen? Mooi zo, daar gaan we dan.

Als eerste komen we het weerstandsvermogen tegen. Dat geeft aan hoe goed of slecht een gemeente is opgewassen tegen onverwachte financiële klappen. Eerst wordt uitgerekend hoeveel weerstandscapaciteit er is. Belangrijk daarvoor is de algemene reserve. Daarin zit in Wijdemeren (stand 12 juli dit jaar) nog maar krap 8,5 ton. Daarna worden alle financiële risico’s in kaart gebracht en tot slot worden het ene getal door het andere gedeeld.

Het resultaat is de ratio weerstandsvermogen. Dit jaar ligt die in Wijdemeren op 0,62, volgend jaar wordt dat 0,45. Dat lijkt erg abstract, maar dat valt mee. Een weerstandsratio van 1,0 of hoger is in orde. Ligt het getal onder de 0,6 (zoals volgend jaar in Wijdemeren) dan geldt dat als ‘ruim onvoldoende’. Een slechtere categorie is er niet. Met andere woorden: Wijdemeren is volstrekt niet opgewassen tegen financiële tegenslag.

Zeer foute boel

Dan de financiële kengetallen. Ten eerste de netto schuldquote (waarin ook het investeringsprogramma 2023-2026 is meegerekend). Dat getal geeft aan hoe zwaar rente en aflossing van schulden drukken op het huishoudboekje. Normaal is een netto schuldquote tussen de 0 en 100 procent. Tussen 100 en 130 procent wordt het riskant en boven de 130 procent geldt als ‘meest risicovol’. Wijdemeren staat dit jaar op 80 procent (normaal) en klimt volgend jaar naar 91 procent (nog steeds normaal). Daarna gaat het echter mis, want de schuldquote stijgt dan rap verder naar 131 (2024), 134 (2025) en zelfs 152 procent (2026). Zeer foute boel dus.

Wat ook kan, is die netto schuldquote corrigeren voor alle uitstaande leningen (maar nog steeds inclusief het investeringsprogramma 2023-2026). Vaak geeft dat een iets beter beeld, maar in Wijdemeren niet. Dit jaar staat dit kengetal in Wijdemeren op 83, volgend jaar op 93 procent (in beide gevallen ‘normaal’) om daarna op te lopen naar 133 (2024), 135 (2025) en 154 procent (2026). Opnieuw: zeer foute boel.

Heel slecht

Voort maar weer, nu naar de solvabiliteitsratio (inclusief het investeringsprogramma). Die geeft aan in hoeverre een gemeente aan zijn financiële verplichtingen kan voldoen. Ook deze ratio wordt weergegeven als percentage. Alles boven de 30 procent is in orde, tussen de 20 en 30 procent wordt beschouwd als laag en onder de 20 procent geldt als onacceptabel laag (meest risicovol). Wijdemeren scoort dit jaar 17 procent, volgend jaar nog maar 14 procent en daarna gaat het verder omlaag naar 11 (2024 en 2025) en zelfs 10 procent (2026). Ook voor dit kengetal geldt dus: heel erg slecht.

Tot slot de structurele exploitatieruimte. Komt er bij de gemeente structureel (niet één jaartje, maar blijvend) evenveel geld binnen als eruit gaat, dan komt dit kengetal uit op precies 0 procent. Alles daarboven is goed, elk percentage in de min is niet goed. Dit jaar staat Wijdemeren op 1 procent (goed), volgend jaar op min 1 procent (niet goed), in 2024 op 0 procent (neutraal), in 2025 op min 1 procent (niet goed) en in 2026 op min 4 procent (nog slechter). Ook hier dus voornamelijk een zwakke vertoning die bovendien steeds slechter wordt.

Diepe treurnis

Alles overziend is het dus diepe, diepe treurnis die veel verder gaat dan alleen het tekort van 2 miljoen euro in 2023. Hoe valt dat gat te dichten? En wat gaan inwoners merken van de financiële narigheid? Daarover een volgende keer.

Eén gedachte op “Rot zit tot diep in de financiën”

  1. Heeft dhr Kea (VVD) dit ècht niet geweten? Wist hij het, dan had hij de informatieplicht richting de raad. Of was de geheime bijeenkomst over de vorige begroting al het bewijs dat het faliekant fout was, toen dat College de prijs wilde laten betalen door de niet-Wijdemeerders, de recreanten? Niet eens zo’n slecht idee! Wie doorbreekt hier de afgesproken geheimhouding? En vertelt eerlijk dat het fiasco allang bekend was bij de Raad? Waar zijn de notulen daarvan , waarbij de fractievoorzitter van het CDA met de deuren smeet? Waarom deed hij dat? Ik voorspel dat we straks allemaal Wijdeminderen zullen gaan heten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.