Wethouders zijn om minder vertrokken

Laten we als tegenwicht eens beginnen met het goede nieuws. Wethouder Alette Zandbergen (De Lokale Partij) bleef dinsdagavond rustig en beheerst, ondanks het spervuur aan kritiek vanuit de raadscommissie. Daarmee is helaas het goede nieuws wel meteen op.

Eerder in deze raadsperiode zag ik Zandbergen onzeker en onwennig opereren. Kan een keer gebeuren als beginnend wethouder, dacht ik toen. Afgelopen dinsdag was het beeld anders. Hoewel zowel oppositie als coalitie haar grilden over een aantal bouwplannen (Oud-Loosdrechtsedijk achter 63, Nieuw-Loosdrechtsedijk 178 en Cannenburgerpark) bleef ze rustig. Ze sloeg niet op tilt en gaf – althans naar haar idee – duidelijk antwoord op vragen en ze beargumenteerde – althans naar haar idee –  waarom het college over die bouwplannen de besluiten heeft genomen die het heeft genomen. Vooruitgang dus.

Toch vond Rik Jungmann het nodig Zandbergen in een eerste impressie van de commissievergadering neer te sabelen en deed hij dat nog eens dunnetjes over in een betoog over technische en politieke vragen. In een reactie op het eerste stuk vond onze gast-auteur Wim Kozijn het nodig een eigen duit in het zakje te doen die ook niet bepaald in het voordeel van Zandbergen uitviel.

Kletsmajoor

Heeft Jungmann gelijk? Heeft Kozijn gelijk? Jazeker, allebei hebben ze zonder de geringste twijfel gelijk. Want behalve een wethouder die zich wist te beheersen zagen we vooral een politieke kletsmajoor die het onvermogen van het ambtenarenapparaat gebruikte (misbruikte) om gekozen volksvertegenwoordigers een loer te draaien. Een triester politiek-bestuurlijk dieptepunt zag ik nog niet eerder.

Het college stelt de raad voor alle drie de bouwplannen af te schieten door een verklaring van geen bedenkingen (vvgb) te weigeren. De gemeente komt daarmee terug op eerder betrokken stellingen. Terecht stelde Esther Kaper (ChristenUnie) daarom dat het dinsdagavond vooral ging om ‘de beginselen van behoorlijk bestuur’. Even terecht merkte ze op dat ‘de rechtszekerheid en het vertrouwensbeginsel onder druk staan’. In uiteenlopende bewoordingen onderschreven de andere fracties dat.

Niet te volgen

Zandbergens voornaamste stelling was dat ook het college, heus waar, graag nieuwe woningen ziet verrijzen, maar dat het voor burgemeester en wethouders juridisch onmogelijk is daarvoor het licht op groen te zetten. De commissie vroeg natuurlijk: hoezo dan? Waarop de wethouder met een kluwen aan geregeld niet of nauwelijks te volgen redeneringen en beweringen  kwam.

Diverse commissieleden stelden opnieuw de vraag of het college voor wat betreft het Cannenburgerpark is afgeweken van het ambtelijk advies. En zo ja, waarom dan. Daarmee vroegen ze eigenlijk naar de bekende weg. Ten minste drie raads- en commissieleden hebben het ambtelijk advies ingezien. Zij weten dus dat dat anders luidt dan wat het college heeft besloten. Maar hen was te verstaan gegeven dat ze het advies wel mochten lezen, maar van de opgedane kennis geen gebruik mochten maken.

Gelukkig liet René Voigt (DorpsBelangen) zich daardoor niet intimideren. ,,Van het ambtelijk advies heb ik kennis genomen’’, verklaarde hij, ,,en ik stel vast dat u daarvan bent afgeweken. Dat mag, maar waarom hebt u dat gedaan?’’ Waarop Zandbergen maar weer eens een brei aan onduidelijkheid over de commissie uitstortte.

Ergernis en verbijstering

En zo ging het maar door, tot toenemende ergernis van de commissie – niet alleen van de oppositiepartijen, maar ook van coalitiekant – en oplopende verbijstering van de mensen op de publieke tribune.

De wethouder maakte het alleen maar erger door van de vele nog openstaande (politieke) vragen – Rosalie van Rijn (CDA) had er liefst 52 geteld – de meeste nog steeds onbeantwoord te laten. Voigts conclusie: ,,Dit moeten we niet accepteren.’’ Daarin had hij helemaal gelijk. Nu even zien hoe dat handen en voeten krijgt. Een motie van wantrouwen wellicht in de raadsvergadering van volgende week?

‘We horen het graag’

Bij alle drie de bouwplannen waartegen het college zich keert, liep het erop uit dat Zandbergen beweerde dat het college die plannen niet WIL dwarsbomen, maar juridisch niet anders KAN dan dat toch te doen. Over het Cannenburgerpark voegde ze daaraan toe: ,,Als u het anders wil, dan horen wij dat graag. Want wij willen dit bouwplan.’’ Ze nodigde de fracties uit in de gemeenteraad met amendementen te komen die de voorstellen van het college omkeren: van ‘njet’ naar ‘ja graag’.

Daarmee – Wim Kozijn legde het al uit – zadelde ze de raad op met een kluif werk die niet bij de raad hoort, maar op het bordje van het college. Maar ja, gebrek aan ambtelijke capaciteit hè?

Instructies

Geheel nieuw is dit bizarre optreden overigens niet. Dezelfde ‘truc’ haalde het vorige college uit toen het ging om de vraag wel of niet woningbouw toe te staan  in Nederhorst Noord. Maar dat ook het vorige college een scheve schaats reed, maakt het optreden van het huidige college in de persoon van Zandbergen er niet ineens beter op.

Sterker nog, Zandbergen maakte het nog erger door de fracties er een paar keer op te wijzen dat als ze amendementen gaan maken, ze wel moeten zorgen dat die ‘houdbaar’ zijn, dat wil zeggen dat ze stand kunnen houden als bezwaarmakers naar de Raad van State lopen. Je moet maar durven: je eigen werk niet doen en daarmee anderen opzadelen, en die anderen dan ook nog eens instructies meegeven.

Falen

De hele avond overziend, is de oogst:

1.     Zandbergen verzaakt bij de plicht alle vragen van raad en commissie te beantwoorden. In elk geval voor een deel verschuilt ze zich daarbij achter het gebrek aan ambtelijke capaciteit.

2.     Zandbergen doet haar werk niet en laat het aan de raad over met amendementen de brokkenmakerij van de wethouder/het college te repareren.

3.     Zandbergen beweert wel vóór de bouw van zo noodzakelijke nieuwe woningen te zijn, maar laat in de praktijk zien dat dat een loze bewering is. Immers: waar naar haar (aanvechtbare) overtuiging juridische obstakels opdoemen, vertikt ze het die uit de weg te ruimen.

Zoveel praatjes voor de vaak, zoveel onwil, zulk opzichtig falen – ik heb wethouders om minder zien vertrekken. En waar gebrek aan ambtelijke capaciteit ertoe leidt dat een normaal democratisch proces niet eens meer gewaarborgd is (al die onbeantwoorde vragen) valt opnieuw een groot vraagteken te zetten bij het zelfstandig voorbestaan van de gemeente Wijdemeren.

2 gedachten op “Wethouders zijn om minder vertrokken”

  1. Op 28 augustus 2021 heb ik aan het college én de gemeenteraad een brief geschreven. Hierin verwijs ik naar het artikel in de Gooi en Eemlander van 28-8-2021. Daarin werd bevestigd waar ik al lange tijd voor vreesde: geen daadkrachtig bestuur; geen adequaat werkend ambtelijk apparaat en een lege gemeentelijke schatkist. Ik adviseerde om in de eerstvolgende raadsvergadering een besluit tot gemeentelijke herindeling te nemen en daar de nodige (tijds)druk op te zetten zodat op 17 maart 2022 voor een gemeenteraad en -bestuur gekozen kan worden in een nieuwe gemeente Hilversum. Zowel college als raad hebben mijn brief voor kennisgeving aangenomen.

    Afgelopen dinsdag woonde ik de commissie Ruimte en Economie bij (om 22.00 uur ben ik weggegaan). In die vergadering werd wederom bevestigd dat er geen daadkrachtig bestuur is en geen adequaat gemeentelijk apparaat. De lege schatkist was al eerder bekend. Het optreden van wethouder Zandbergen was schandalig. Op vragen wist zij geen antwoord, temeer niet daar zij die vragen kennelijk niet opschrijft op haar aantekenblokje. Voorts was de ambtelijke bijstand van een heer tussen 2 dames (zijnde de hoofdmanagers van het ambtelijk apparaat, er niet. Het is schandalig dat je een wethouder niet ondersteunt bij beantwoording van vragen en zelfs durft te zeggen dat de openstaande vragen vóór de komende raadsvergadering niet worden beantwoord. Neen, met name de dame R.O. was te druk met haar mobieltje en laptop! Schandalig. Het toont ook de zwakte van het bestuur aan. Een dergelijk gedrag van de ambtenaren (inhuur of niet) mag en kan het bestuur niet accepteren. Dit schijnt eerder voorgevallen te zijn. Reden te meer om de deur wijd open te zetten en de dames en heren die niet doen wat van het kan worden verwacht, met een schop onder de kont het gemeentehuis uit te bonjouren. Ik was blij dat ik tijdens die vergadering een riem om had. Kon mijn broek niet afzakken!

  2. Heb de band even terug zitten luisteren en kom tot de conclusie dat deze dame aan het solliciteren is naar ontslag.
    Heb zelden zo’n slechte wethouder zien optreden en daarmee is een motie van wantrouwen op zijn plaats!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.