Begroting 2022: het lukt allemaal net, maar er zijn zeker zwakke plekken

Hoe staat de gemeente Wijdemeren er financieel voor? Dat is de hamvraag nu deze donderdag een raadscommissie zich buigt over de begroting 2022 en de gemeenteraad die volgende week donderdag moet vaststellen. Een blik op de cijfers leert dat het college erin is geslaagd de boel net-an rond te breien. Tegelijk zijn er vraagtekens en zwakke plekken. Reden voor paniek is er niet, maar een wat wankele zaak is het wel.

(Illustratie gemeente Wijdemeren)

Laten we beginnen met een kanttekening, namelijk dat burgemeester en wethouders (en de gemeenteraad) maar zeer betrekkelijk invloed hebben op het huishoudboekje van de gemeente. Alle gemeenten zijn sterk afhankelijk van beslissingen in Den Haag en daarover wordt in gemeenteland al geruime tijd heel terecht steen en been geklaagd.

Sociaal domein

Neem het sociaal domein ofwel de uitvoering van de Jeugdwet, de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Participatiewet. Dat hele werkterrein heeft de rijksoverheid op 1 januari 2015 op het bordje van de gemeenten gedeponeerd. Tegelijk paste het rijk op het geld dat daarvoor beschikbaar is een korting toe van 20 tot 25 procent. Gemeenten moesten het dus gaan uitvoeren met veel minder geld dan het rijk er eerder zelf aan spendeerde. Omdat de boel spaak liep, is het kabinet al een paar keer gekomen met extra geld voor de gemeenten. Maar telkens ging het om een eenmalig bedrag, nooit om structureel (blijvend) geld.

Herverdeling

Een ander heet hangijzer is de herverdeling van het Gemeentefonds. Dat fonds van het ministerie van Binnenlandse Zaken is de belangrijkste inkomstenbron van gemeenten. Die herverdeling pakt voor sommige gemeenten gunstig uit en voor andere juist ongunstig. Wijdemeren heeft de mazzel tot nu toe aan de goede kant van de streep te zitten. Aanvankelijk leek deze gemeente er jaarlijks 900.000 euro op vooruit te gaan. Maar naar de huidige stand van zaken blijft daarvan maar twee ton over en het is afwachten wat het eindresultaat zal zijn. Logisch dus dat de toezichthouder – in het geval van Wijdemeren de provincie Noord-Holland – heeft bepaald dat een gemeente voorlopig moet begroten zonder rekening te houden met de nog steeds ongewisse uitkomst van de herverdeling van het Gemeentefonds.

Beroerd

En nu dan de financiële stand van zaken in Wijdemeren. De zogenoemde ‘basisbegroting’ ziet er beroerd uit. Die zit alle jaren 2022 tot en met 2025 dik in het rood: van krap 1,7 miljoen tekort volgend jaar tot bijna een half miljoen tekort in 2025. En daarin is een aantal ‘ombuigingen/taakstellingen’ (in gewoon Nederlands: bezuinigingen) dan al meegenomen.

De belangrijkste bezuiniging betreft volgend jaar 175.000 euro op het sociaal domein (jeugdzorg). Vanaf 2023 moet die bezuiniging omhoog naar 235.000 euro. En hoe wil het college dan aan die bezuiniging komen? In de begroting staat daarover dit zinnetje: ,,Deze taakstelling zal in de komende maanden nader worden ingevuld voor 2022’’. Ofwel: er wordt aan gewerkt, maar hoe die bezuiniging moet worden gerealiseerd is nog onbekend. Duimen dus dat het goed gaat.

Een andere belangrijke ‘taakstelling’ betreft de ambtelijke organisatie. Voor uitbreiding en verbetering van het ambtenarenapparaat wordt 1,2 miljoen euro uitgetrokken. Maar als de organisatie beter gaat marcheren kan daarop door efficiëntie ook weer wat worden bezuinigd – een ton in 2022 en twee ton vanaf 2023, schrijft het college. Ook hier geldt: het zijn taakstellingen, of die ook echt worden gerealiseerd moet worden afgewacht.

Extra inkomsten

Gelukkig voor Wijdemeren zat de zogeheten septembercirculaire vanuit Den Haag mee. Maar zelfs met dat extra geld resteert er nog steeds een gat in de begroting. Dat dwong het college dus om te zoeken naar extra inkomsten. Die zijn, zoals eerder al bekend werd, vooral gevonden in het fors verhogen van de toeristen- en forensenbelasting. Mede met behulp daarvan (er wordt ook nog geld gehaald uit het fonds stedelijke vernieuwing) denken burgemeester en wethouders volgend jaar de baten te kunnen opvoeren met krap 1,1 miljoen euro, in 2023 met 990.000 euro en de jaren daarna met 765.000 euro.

Evenwicht

Alles bij elkaar genomen krijgt het college de begroting ‘structureel in evenwicht’. Volgend jaar staat onder de streep een plus van 164.000 euro, in 2023 wordt dat 88 mille, in 2024 136.000 euro en in 2025 930.000 euro.

Voorwaarde is wel dat de gemeenteraad geen gaten schiet in de forse verhoging van de toeristenbelasting (plus 140 procent) en de forensenbelasting (plus 100 procent). Doet de raad dat wel, dan zullen alternatieve inkomsten of bezuinigingen op tafel moeten komen.

OZB omhoog?

De meest voor de hand liggende bron voor extra inkomsten is de onroerendezaakbelasting (OZB). Naast de uitkering uit het Gemeentefonds is de OZB voor gemeenten de belangrijkste bron van inkomsten. In de begroting die nu bij de gemeenteraad op tafel ligt, heeft het college een OZB-verhoging ingeboekt van 1,5 procent ter compensatie van de inflatie. Een extra OZB-verhoging heeft het college dus niet in de pen.

Maar stel nu eens dat de raad de voorgestelde verhogingen van de toeristen- en forensenbelasting te gortig vindt, zouden die dan kunnen worden gematigd in ruil voor een extra OZB-verhoging? Het antwoord daarop is niet zomaar glashelder te geven. Het is eigenlijk: ja en nee.

Voor het antwoord moeten we kijken naar de zogeheten ‘kengetallen’. Dat zijn  (verhoudings)getallen die aangeven hoe een gemeente er financieel voor staat. Die kengetallen maken het ook mogelijk gemeenten onderling te vergelijken. Voor de OZB moeten we dan kijken naar het kengetal ‘belastingcapaciteit’. Dat geeft aan hoeveel ruimte een gemeente heeft om lokale belastingen (in de allereerste plaats de OZB) te verhogen.

Rode zone

In de begroting 2022 staat dat Wijdemeren bij belastingcapaciteit staat op 140 procent ofwel dat de lokale belastingen (vooral dus de OZB) hier 140 procent bedragen van het landelijk gemiddelde. Ofwel: inwoners van Wijdemeren betalen liefst 40 procent meer aan lokale belastingen dan een gemiddelde Nederlander (wat overigens voor een deel komt doordat hier gemiddeld nogal prijzige woningen staan). Op een dashboard van de rijksoverheid staat Wijdemeren met dit kengetal zwaar in de rode zone. Ter vergelijking: buurgemeente Hilversum staat voor 2022 op een belastingcapaciteit van 104 procent, slechts ietsje boven het landelijke gemiddelde. Kortom: inwoners van Wijdemeren betalen al erg veel lokale belasting en er is maar beperkt ruimte om die verder op te voeren.

Bij het kengetal belastingcapaciteit doet Wijdemeren het dus bepaald slecht, niet alleen ten opzichte van de hele rest van Nederland, ook ten opzichte van andere gemeenten met 20.000 tot 50.000 inwoners (die scoren 105 procent).

Positief

En bij de andere kengetallen? Laten we positief beginnen, namelijk met de netto schuldquote. Die geeft aan hoe groot de schuldenlast is in verhouding tot de eigen middelen van de gemeente, met andere woorden hoe zwaar rente en aflossing drukken. Wijdemeren scoort hier 75 procent en dat zit in de categorie normaal (0-100 procent). Boven de 100 procent springt het stoplicht op oranje, bij 130 op  rood, zo vermeldt de begroting.

Er is nóg een positief kengetal: grondexploitatie. Dat geeft aan wat de waarde van de grond in bezit van de gemeente is ten opzichte van de totale geraamde inkomsten. Wijdemeren scoort in 2022 min 1 procent en daarna nul procent. Dat is heel keurig, want alles boven 10 procent geldt als ‘kwetsbaar’ en hoe verder daaronder des te beter. In Wijdemeren loopt dan ook nog maar één gemeentelijke grondexploitatie: de Porseleinhaven. Die wordt naar verwachting in 2024 afgesloten.

Niet meteen somber

Dan resteren er nog twee kengetallen. Om niet meteen heel somber te worden beginnen we met de ‘structurele exploitatieruimte’. Dat cijfer is eigenlijk heel simpel. Komt er structureel (blijvend) precies evenveel geld binnen als eruit gaat, dan staat dit kengetal op nul procent. In de begroting staat Wijdemeren in 2022 op 1 procent: er komt iets meer binnen dan eruit gaat. In 2023 zakt het naar min 1 procent (meer structurele uitgaven dan inkomsten), waarna het nul procent wordt in 2024 en plus 1 procent in 2025. Al met al doet Wijdemeren het ietsje slechter dan de rest van Nederland en ook ietsje slechter dan andere gemeenten in dezelfde grootteklasse. Het is dus geen juichverhaal, maar een probleem is er ook niet.

Anders ligt dat bij de ‘solvabiliteitsratio’. Die geeft in een percentage aan hoe goed of slecht een gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Dat percentage geeft aan hoe groot het eigen vermogen van de gemeente is ten opzichte van het totale vermogen. In 2022 komt Wijdemeren op 19 procent en dat geldt als laag: er is dus vrij weinig eigen vermogen. Pas bij 30 procent kruipt een gemeente uit de meest risicovolle zone. De komende jaren reikt Wijdemeren niet verder dan 22 procent (in 2025). Wijdemeren doet het op dit punt iets slechter dan qua inwonertal vergelijkbare gemeenten en duidelijk slechter dan alle Nederlandse gemeenten samen.

Hozen

Al met al scoort Wijdemeren op twee van de vijf kengetallen vertrouwenwekkend (netto schuldquote en grondexploitatie), op eentje neutraal (structurele exploitatieruimte), op eentje zorgwekkend (solvabiliteitsratio) en op eentje echt slecht (belastingcapaciteit). Om het in watersporttermen te zeggen: het scheepje komt nog niet tot zinken, maar geregeld een puts ter hand nemen om te hozen kan beslist geen kwaad.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Meer informatie over hoe uw reactiegegevens worden verwerkt.